معنى لا إله إلا الله

De Betekenis van ''Laa ilaaha illa Allaah''

Weet o beste broeder en zuster dat de meest belangrijkste zuil in de islaam de Shahaadah (de getuigenis) 'niets of niemand het recht heeft om aanbeden te worden behalve Allaah' en dat Mohammed de Boodschapper van Allaah is.

''Laa ilaaha illa Allaah'' betekent in het kort: لا معبود بحق إلا الله 'Niets of Niemand heeft het recht om aanbeden te worden, behalve Allaah'. Deze getuigenis bevat een ontkenning نفي van al datgene wat naast Allaah aanbeden wordt. Daarnaast bevat het een bevestiging وإثبات dat de aanbidding alléén voor Allaah is toegestaan, zonder in de aanbidding tot Hem enige deelgenoten aan Hem toe te schrijven. Niets of niemand van Zijn Schepping is dus een handlanger van Hem!

Ik wil het verschil laten zien tussen de vroegere (arabische) moeshrikoen en die van deze tijd, die de meeste moslims vandaag de dag niet kennen. Zoals we weten nodigde de profeet (saws) de onwetende Koeffaar (van Quraish) uit naar Laa ilaaha illa Allaah en zij wisten wat de bedoeling van de Profeet salla Allaahoe 'alaihi wa sallam met deze zin was, dat de gehechtheid alleen voor Allaah ta'aala zou zijn, en het verwerpen van datgene wat naast Hem werd aanbeden, en het afstand nemen daarvan. Want toen hij tegen hen zei: "Zeg: Laa ilaaha illa Allaah." Zeiden ze: "Heeft hij de aalihah (goden) tot één ilaah gemaakt? Voorzeker dit is iets verbazingwekkend!" (Saad 38: 5)

later zal ik dieper hierop ingaan, wat 'Laa ilaaha illa Allaah' nou eigenlijk (termkundig) betekent vanuit de koran en de soennah. En dat de meeste moslims jammer genoeg het niet weten, bedoel ze kennen haar werkelijke betekenis niet maar spreken het wel uit, terwijl de vroegere moeshrikoen (vele godenaanbidders) de betekenis van de getuigenis wel kenden en het niet wouden (accepteren) uitspreken. De reden waarom de vroegere moeshrikoen wel wisten wat deze geweldige woorden betekende en de meeste moslims niet. Is omdat de meeste moslims zwak zijn geworden in de arabische taal. En hierdoor de koran niet op de juiste manier kunnen begrijpen.

Zoals Allaah ta'ala zegt in de koran:

Voorwaar, Wij hebben hem neergezonden, een Arabische Koran. Hopelijk zullen jullie begrijpen. (soerah yoesoef vers 2)

Het is daarom verplicht om de arabische taal te leren, te stoppen bij de tekstuele bewijzen uit het Boek en de Soennah, te bevestigen wat hierin wordt bevestigd en te ontkennen wat hierin wordt ontkend. Dit dient gepaard te gaan met het geloof dat de betekenissen waar dit op wijst waarheid zijn en dat deze bevestigd zijn voor Allaah.

De meeste moslims als je aan hen vraagt wat betekent nou Laa ilaaha illa Allaah volgens jou? Meestal zal je deze antwoord krijgen; er is geen god dan Allaah.

Deze (uitspraak) antwoord is niet volledig, omdat het slechts een van de betekenissen is van ''La Illaha illa Allah'' en de echte betekenis ervan waarna de Boodschapper van Allaah naar uitnodigde en waardoor de Moeshriekoen ongelovig zijn geworden is: 'Niets of Niemand heeft het recht om aanbeden te worden behalve Allaah'.

Weet dat de Moeshrikien (Quraish) geloofden en getuigden dat Allaah de Enige Schepper is, zonder enige deelgenoot, en dat niemand voorziening brengt, behalve Hij, en dat niemand leven geeft en doet sterven, behalve Hij, en dat niemand de zaken bestuurt, behalve Hij, en dat al de zeven hemelen en wat zich daarin bevinden en de zeven aardes en wat zich daarin bevinden, allen Zijn dienaren zijn en onder Zijn Bestuur en Macht staan.

Als je het bewijs hiervoor wilt, dat deze Moeshrikien waartegen de Boodschapper van Allaah salla Allaahoe 'alaihi wa sallam streed hiervoor getuigden, lees dan de Woorden van de Verhevene:

"Zeg (O Mohammed): "Wie voorziet jullie vanuit de hemelen en van de aarde. Of wie beheerst over het gehoor en de ogen? En wie brengt het levende uit de dode, en brengt de dode uit het levende? En wie bestuurt alle zaken?" Ze zullen zeggen: "Allaah." Zeg: "Zullen jullie dan niet vrezen (voor Zijn Straf voor het zetten van rivalen in Zijn aanbidding)?" (Yoenus 10: 31)

En de Woorden van de Verhevene: "Zeg: "Aan wie behoort de aarde en wat zich daarin bevindt, indien jullie weten?" Ze zullen zeggen: "Aan Allaah." Zeg: "Zullen jullie dan niet herinneren?"Zeg: "Wie is de Heer van de zeven hemelen en de Heer van de Grote Troon?" Ze zullen zeggen: "Allaah." Zeg: "Zullen jullie dan niet vrezen?"Zeg: "In Wiens Hand is de soevereiniteit van alles? En Hij beschermt, en tegen wie er geen beschermer is?" Ze zullen zeggen: "Aan Allaah." Zeg: "Hoe zijn jullie dan misleid en weg gekeerd van de waarheid?" (Al-Moeminoen 23: 84-89)

En andere Verzen. Als je hebt vernomen dat ze hierin geloofden en dat dit hen niet de Tawheed waar de Boodschapper van Allaah salla Allaahoe 'alaihi wa sallam ze naar uitnodigde heeft doen binnentreden (in de islaam), dan weet je dat de Taweed die zij ontkenden Tawheed Al-'Ibaadah (Tawheed Al-Oeliehieya) is, die de Moeshrikien van onze tijd Al-I'tiqaad noemden.

Dus indien iemand gelooft en ervan overtuigd is dat ''Laa ilaaha illa Allaah'' betekent 'er is geen God dan Alllaah' en dat Allaah de Enige Schepper is, zonder enige deelgenoot, en dat niemand voorziening brengt, behalve Hij, en dat niemand leven geeft en doet sterven, behalve Hij, en dat niemand de zaken bestuurt, behalve Hij. Weet dan volgens de bewijzen die ik jou hierboven hebt gegeven dat deze persoon niets verschilt met de Moeshrikien van toen, omdat zij ook hierin geloofden, dus deze persoon zit op dezelfde madhab als aboe jahl. Alleen het verschil tussen hem en de Quraish is dat hij erkent dat Mohammed salla Allaahoe 'alaihi wa sallam de dienaar en boodschaper van Allaah is. En weet nu ook dat het niet genoeg is om alleen de Shahaadah uit te spreken!

Zij (de Quraish) zijn dus hierdoor (hun geloof in Tawheed Aroeboebieya) niet ongelovig geworden, maar zoals ik je al zei ze zijn ongelovige geworden doordat zij Tawheed Al-'Ibaadah (Tawheed Al-Oeliehieya) ontkenden en hier niet in wilden geloven.

En de geleerden hebben de Tawheed in drie categorieen gesplitst: Tawheed Aroeboebieya, Tawheed Al-Oeliehieya en Tawheed Asma wa Sifaat (Namen en Eigenschappen)

Wat betreft Tawheed Aroeboebieya daarvan is de betekenis dat Allaah Degene is die (mensen, djins en alles wat er bestaat) heeft geschapen, en dat Hij de Koning (Heerser) is en hij De Regelaar is. Wat betreft Tawheed Al-Oeliehieya daarvan is de betekenis dat je alleen Allaah aanbidt en daarnaast niemand anders. Wat betreft Tawheed Asma wa Sifaat daarvan is de betekenis dat je alleen Allaah aanbidt met Zijn Schone Namen en Eigenschappen, en we bevestigen deze Namen en Eigenschappen, en het zijn echte Eigenschappen, zonder dat we de betekenis ervan gaan veranderen (Ta7rief), en zonder dat we de betekenis gaan ontkennen (Ta3tiel- de echte betekenis van Ta3tiel is, dat je zegt bijv over de Hand van Allaah, ik laat de betekenis aan Allaah over), en zonder de hoedanigheid ervan te bepalen (Takjief) en zonder het te vergelijken met Zijn Schepping (Tamthiel). zie de Selef betreffende Allaahs Sifaat.

Weet dus o beste broeder en zuster dat de Tauwhied, de reden was dat Allaah, de Allerhoogste, Boodschappers stuurde, Boeken openbaarde en de mensheid en Djinn schiep. Allaah zegt namelijk:

En Wij zonden geen boodschapper voor jou [O Mohammed] behalve dat Wij hem inspireerden [zeggende]: Laa ilaaha illaa Ana [Niemand heeft het recht om aanbeden te worden dan Ik (Allaah)]. Dus aanbidt Mij [Alleen en niemand anders]! (Soerah al-Anbiyaa` (21): 25)

Om deze reden hebben de Boodschappers, moge de Salaat en Salaam van Allaah met hen zijn, steeds tegen hun volkeren gezegd: “Aanbid Allaah! Jullie hebben geen andere Ilaah (godheid) dan Hem.” (Soerat. 7: 59, 60, 73,85; 11: 50, 61, 84; 23:23, 32)

Het gevolg van het weigeren in het geloof van Allaahs eenheid in aanbidding van deze volkeren, heeft geleid tot de verdeling van de mensen in gelovigen en ongelovigen.

Je moet eerst weten o beste broeder en zuster dat Ilaah God betekent, de Ilaah betekent ook de Al-Ma’looh oftewel Al-Ma’bood (de aanbedene). Dus degene die aanbeden word. Zoals moefasir saadi rahiemehoellaah zegt in zijn tafsir over Soerah 6: Vers 3 En Hij is Allaah in de hemelen en op aarde. En Ta’ala’s Uitspraak: En Hij is Degene die de God in de hemel is en de God op de aarde. [soerah Az Zoekhroef 43 vers 84]

Betekent Degene (Allaah) die aanbedden wordt in de hemelen en op de aarde, in de hemelen door de engelen, en op de aarde alles wat daarop leeft van mens en djinn enz. Nederig Hem aanbiddend.

En Ta’ala’s Uitspraak: Voorwaar, jullie Heer is Allaah, Degene Die de hemelen en de aarde in zes dagen heeft Geschapen. Vervolgens zetelde Hij zich over de Troon (op een manier die bij Zijne Goddellijke Hoogheid en Majesteit past). Hij doet de nacht de dag bedekken, die hem snel achter na gaat; en (Hij is de Schepper van) de zon, de maan en de sterren zijn aan Zijn Bevel onderworpen. Voorzeker, zijn Scheppen en Bevelen aan Hem voorbehouden. Gezegend zij Allaah, de Heer der Werelden. (Al-‘Araaf: 54)

Ar-Rabb (De Heer) betekent (hier): Diegene Die aanbeden wordt. Het bewijs hiervoor is; Ta’ala’s Uitspraak: O Mensen, aanbidt jullie Heer, Degene Die jullie heeft geschapen en degenen vòòr jullie, opdat jullie (Allaah) zullen vrezen. Degene Die de aarde voor jullie heeft gemaakt tot een tapijt en de hemel tot een gewelf en Hij zendt water uit de hemel neer, waarmee Hij vervolgens vruchten voortbrengt als voorziening voor jullie. Ken daarom geen deelgenoten toe aan Allaah (in aanbidding) terwijl jullie het weten. (Al-Baqarah: 21-22)

Ibn Kethier rahiemehoellaah zei (over deze ayaah): “Diegene die (werkelijk) het recht heeft om aanbeden te worden is de Schepper van (al) deze dingen!

En Ta’ala’s Uitspraak: Zij jij dan niet dat alles zich voor Allaah neerknielt wat er in de hemel en wat er op de aarde is, en de zon en de maan en de sterren en de bergen en de bomen en de dieren en een groot deel van de mensen? [soerah Haddj 22 vers 18]

En Ta’ala’s Uitspraak: Zie jij niet dat alles in de hemelen en op de aarde Allaah prijst en (ook) de vogels met uitgespreide vleugels? Ieder kent waarlijk zijn Salat en zijn lofprijzing en Allaah is Alwetend over wat zij doen. [soerah Nour 24 vers 41]

Toen de Profeet salla Allaahoe 'alaihi wa sallam naar hen (Quraish) toe kwam om ze op te roepen naar de zin van de Tauwhied, en dat is: Laa ilaaha illa Allaah.

De bedoeling van deze zin is zijn betekenis, niet zomaar zijn bewoording. De onwetende Koeffaar (van Quraish) wisten dat de bedoeling van de Profeet salla Allaahoe 'alaihi wa sallam met deze zin was dat de gehechtheid alleen voor Allaah de Verhevene zou zijn, en het verwerpen van datgene wat naast Hem werd aanbeden en het afstand nemen daarvan. Want toen hij tegen hen zei: "Zeg: Laa ilaaha illa Allaah." Zeiden ze: "Heeft hij de aalihah (goden) tot één ilaah gemaakt? Voorzeker dit is iets verbazingwekkend!" (Saad 38: 5)

Als je weet dat de onwetende Koeffaar (ongelovigen) dit wisten, hoe verbazend is het dan dat hij die Moslim beweert te zijn, niet van de betekenis van deze zin weet wat de onwetende ongelovigen ervan wisten. Nee, hij denkt dat het gewoon het uitspreken is van zijn woorden zonder dat het hart gelooft in iets van zijn betekenissen. En de intelligente onder hen denkt dat zijn betekenis is: Niemand schept, voorziet en beheert de zaken, behalve Allaah. Er is dus niets goeds in een persoon, over wie de onwetende Koeffaar meer kennis hebben betreft de betekenis van laa ilaaha illa Allaah.

Daarom is de eerste voorwaarde van Laa ilaaha illa Allaah: Kennis met de betekenis van bevestiging en ontkenning, het verwerpen van onwetendheid. Allaah de Verhevene zegt:

“Dus weet dat niets of niemand het recht heeft om aanbeden te worden behalve Allaah…” [Soerah Mohammed (47):19]

En op gezag van `Uthmaan Ibn `Affaan (radiallaahoe 'anhoe): “De Boodschapper van Allaah (salallaahoe 'alayhie was sallem) heeft gezegd: “Degene die sterft terwijl hij weet dat niets of niemand het recht heeft om aanbeden te worden behalve Allaah, treedt het Paradijs binnen.” [Overgeleverd door Moslim (nr. 26)]

De Quraish weigerden deze getuigenis uit te spreken omdat zij wisten dat ze dan (na het uitspreken van deze getuigenis) hun afgoden moesten verlaten en niets of niemand mochten aanbidden behalve Allaah. Allaah zegt: Voorwaar, toen er tot hen gezegd werd: '' Er is geen ware god dan Allaah,' toen waren zij hoogmoedig, En zij zeggen: ''Zullen wij onze goden achter laten omwille van een bezeten dichter?' (37:35,36)


Zij wisten dat de verklaring van de Shahaadah de afschaffing van alles wat geïntroduceerd was tussen hen en Allaah betekende; een einde aan hun bemiddelende "goden". Dit was de reden van hun weigering.

Hun afgodbeelden ofwel in het arabisch aalihah (goden) waren er vele zoals Al-Laat, Al-‘Uzzaa, en Mennaat. Ze vroegen hulp bij hen, ze zwerden bij hen en ze slachten bij hen. Ze richten toen handelingen van aanbidingen naar anderen waarop Allaah alleen recht op heeft. Wie dus iets van zijn ‘ibaadah (aanbidding) naar een ander dan Allaah verricht is een Kaafir (ongelovige) en Moeshrik (godenaanbidder)!

Het bewijs hiervoor is Ta'ala's Uitspraak:

En wie een andere Ilah (god) aanroept (aanbidt) naast Allaah, waarvoor hij geen bewijs heeft: dan is zijn afrekening bij zijn Heer alleen. Voorwaar, de kaafiroen (ongelovigen in de Eenheid van Allaah, polytheisten, heidenen, godenaanbidders) zullen niet slagen. (Al-Môminoen: 117)

De argumentatie voor “het hulp vragen (aan Allaah alleen)” is Ta’ala’s Uitspraak: U alleen aanbidden wij en U alleen vragen wij om hulp. (Al-Faatiha: 5) In een hadieth (zegt de Profeet salaallaahoe `alayhie was sallem): “Als je hulp zoekt zoek dan hulp bij Allaah!” (Overgeleverd door At-Tirmidhie)

Ik zeg, hierin (in deze bewijzen) is een weerlegging op de onwetenden die het toestaan om bij andere dan Allaah hulp te vragen, zoals de doden, heiligen, iemand die afwezig is aanroept. Indien een persoon instaat is om jou te helpen dan is daar niets mis mee, maar wat kunnen de doden die in hun graven zijn begraven voor de levenden betekenen (doen)?

Allaah Soebhaanehoe wa Ta’ala zegt namelijk: En degenen die jullie naast Hem (Allaah) aanroepen bezitten niet eens een qitmier (dadelvliesje.) Wanneer jullie hen aanroepen, horen zij jullie aanroep niet, en als zij zouden horen dan zouden zij jullie doe’aa (smeekgebed) niet verhoren. En op de Dag der Opstanding zullen zij jullie afgoderij verwerpen. En niemand kan jou (O Mohammed) op de hoogte brengen zoals de Alwetende. (Soerah Fatir Vers 13-14)

Allaah zegt ook: Degenen die zij naast Allaah aanroepen, hebben niets geschapen, maar zijn zelf geschapen. Ze zijn dood, niet levend; en zij weten niet wanneer zij opgewekt zullen worden.

En Zijn Uitspraak: Voorwaar, degenen die jullie naast Allaah aanroepen, zijn dienaren zoals jullie zelf. Roep hen maar aan en laat hen je antwoorden, als jullie waarachtig zijn.

De argumentatie voor “het (verplicht) slachten (voor Allaah)” is Ta’ala’s Uitspraak: Zeg: “Voorwaar mijn salaah (gebed), mijn offer, mijn leven en mijn sterven zijn opgedragen aan Allaah, Heer der ‘Aalemien (mensheid, djinn en alles wat bestaat). (Al-An’aam: 162) De argumentatie hiervoor vanuit de Soennah is: (de uitspraak van de Profeet salaallaahoe `alayhie was sallem) “Allaah vervloekt diegene die in naam van een ander dan Hem slacht.” (Overgeleverd door Moslim)

Ik zal nu met een bekende verhaal komen over Ibrahiem de vader der profeten, waarin je kan zien dat de moeshrikoen in zijn tijd hun afgoden ook Aaliha noemden. Allaah zegt in de koran:

En vertel in het boek (de koran) over Ibrahiem; hij was een waarheidsgetrouw man, een profeet. Toen hij tot zijn vader zei: O mijn vader, waarom aanbidt u iets dat niet hoort, niet ziet en u niets kan baten! O mijn vader, er is werkelijk kennis tot mij gekomen, die niet tot u kwam. Dus volg mij, dan leid ik u op de rechte weg, gehoorzaam de Shaitaan niet; de Shaitaan is opstandig tegen Ar-Arahmaan (Allaah, de Barmhartigste). O mijn vader, ik ben bang dat een bestraffing van Ar-Arahmaan u zal treffen, dan zult u een handlanger van de Shaitaan worden (in het Hellevuur). Hij (de vader) zei; haat jij mijn Aaliha (goden), O Ibrahiem? (soerah Maryam Vers 41 46)

Hij (de vader van Ibrahiem) Azar noemde zijn goden ook Aaliha. Hij (Azar) maakte de beelden zelf en ging voor hen bidden samen met andere mensen uit het dorp. Ibrahiem deed dat niet, omdat hij wel wist dat beelden niets voor mensen kunnen doen.

Zo zijn er vele andere verhalen van profeten die allemaal door Allaah zijn gestuurd, naar hun volkeren met als doel; het breken (verlaten) van alle valse goden en om Allaah één te maken d.w.z. Allaah alleen te aanbidden en niets met Hem te vereenzelvigen.
Zie de oorsprong van Shirk.

Allaah zet ook in de koran: De mensheid was één godsdienst (toegedaan, maar er onstond oneningheid) waarop Allaah de profeten zond als verkondigers van verheugende, tijdingen en als waarschuwers. En Hij zond met hen de Schrift neer met de Waarheid om te oordelen tussen de mensen over hetgeen waarover zij van mening verschilden. En niemand verschilde van mening daarover dan degenen aan wie het gegeven was, nadat de duidelijke bewijzn tot hen ware gekomen, uit onderlinge afgunst. Allaah leidde degenen die geloven met de Waarheid, met Zijn toestemming (weg van degenen die) van mening verschilden. En Allaah leidt wie Hij wl op en reht Pad.

Hij (Allaah) vertelt ons ook wat Yoesoef tegen zijn twee medegevangenen zei:
''O mijn medegevangenen, zijn verschilende heren (goden) beter, of is Allaah, de Ene, de Overweldiger, beter? Wat jullie naast Hem aanbidden zijn slechts namen die jullie en jullie vaderen hebben gegeven (verzonnen). Allaah heeft hiervoor geen bewijs neergezonden. Het oordeel is slechts aan Allaah. Hij beveelt dat jullie niets aanbidden behalve Hem, dat is de ware religie maar de meeste mensen weten het niet. ” (Soerat Yoessoef 12:39-40)

Weet dat er ook mensen waren die de zon en de maan aanbaden en dat dit tot shrik (afgoderij) behoort:

De argumentatie hiervoor is Ta’ala’s Uitspraak: En tot Zijn Tekenen behoren de nacht en de dag en de zon en de maan. Kniel niet neer (in aanbidding) voor de zon en niet voor de maan, maar kniel neer voor Allaah, Degene Die hen heeft Geschapen, als jullie (werkelijk) alléén Hem aanbidden. (Foessilat: 37)

En zo werden ook profeten naast Allaah aanbeden wat Hij ook afkeurde. En het bewijs dat de Profeten (aanbeden worden) is de uitspraak van de Allerhoogste:

En toen zei Allaah: O ‘Iesaa, zoon van Maryam (Maria), heb jij tegen de mensen gezegd: Aanbid mij en mijn moeder als twee goden naast Allaah? En hij (‘Iesaa) zei: Heilig bent U! Nooit zou ik kunnen zeggen waar ik geen recht op heb. Indien ik dat gezegd had, zou U dat zeker geweten hebben. U weet wat er in mijn Ziel is en ik weet niet wat er in Uw Ziel is. Voorwaar, U bent de Kenner van het verborgene. Ik heb hun niets anders gezegd dan U mij geboden heeft te zeggen; Aanbid Allaah, mijn Heer en jullie heer.... (Soerah al Maaidah vers 116-117)

En Allaah heeft de Boodschappers gezonden en de Boeken geopenbaard om deze werkelijkheid uit te leggen [van het aanbidden van Allaah alleen], om ernaar uit te nodigen en om te waarschuwen voor datgene wat ermee in tegenstelling is. Hij Ta’ala zegt,
En voorwaar, Wij hebben voor elk Volk (Gemeenschap, Natie) een Boodschapper gestuurd [zeggende]: Aanbidt Allaah [Alleen] en vermijdt de Taaghoet. (Soerah an-Nahl (16): 36)

[Voetnoot]: Iemaam Ibnoel-Qayyim heeft gezegd dat de betekenis van Taaghoet is: ‘Alles waarmee de dienaar zijn grenzen overschrijdt ten opzichte van aanbidding, gehoorzamen en volgen.’ Een voorbeeld voor het aanbidden is het aanbidden van afgoden, een voorbeeld voor het gehoorzamen is het gehoorzamen van de geleerden in verboden zaken en een voorbeeld voor het volgen is het volgen van een leider in verboden zaken. Iemaam Mohammed Ibn `Abdoel Wahhaab definieerde het als ‘alles wat aanbeden wordt naast Allaah.’ – al-Qawl al-Moefied `alaa Kitaab-it-Tauwhied [1/59/60] door Ibn `Uthaymien.

Weet dat diegene die La ilaaha illa Allaah zegt en hiernaast toch nog graven of afgoden aanbidt, hij zal geen profijt hebben van zijn getuigenis, beter gezegd zijn getuigenis is ongeldig!

Het is echter zo dat het uitspraken van deze getuigenis zonder hier vervolgens naar te handelen niet van nut is! Wanneer iemand La ilaaha illa Allaah zegt maar vervolgens Allaah niet uitzondert in de aanbidding dan zal zijn getuigenis van geen enkel nut zijn! Zoals de huichelaars die deze getuigenis uitspreken maar er niet van overtuigd zijn. Zij zullen in de laagste graad van het Vuur vertoeven. Hun getuigenis is niet oprecht:

Voorwaar, de huichelaars zullen in de laagste verdieping van de Hel zijn; jij zult nooit een helper voor hen vinden. (Soerah an-Nisaa- 4:145)

Het is een vereiste dat de verklaring van de Shahaadah wordt bevestigd met zowel het hart als de tong.

De Profeet salla Allaahoe 'alaihi wa sallam heeft gezegd:

'' Wie ''Laa ilaaha illa Allaah'' zegt, en wat naast Allaah wordt aanbeden verwerpt: zijn eigendom en bloed zijn onschendbaar en zijn berechting is tot Allaah''. (Overgeleverd door Moslim)

De betekenis van deze overlevering is: het uitspreken van de getuigenis houdt in, dat diegene alles verwerpt en ontkent wat naast Allaah wordt aanbeden behalve Allaah. Een voorbeeld hiervan is het aanroepen van de doden en anderen.

Een vreemde constatering is dat sommige Moslims deze getuigenis uitspreken, maar haar betekenis tegenspreken met hun daden, door bijvoorbeeld het aanroepen (dua) van een ander dan Allaah!!
zie Tawheed volgens de filosofen.


Laa ilaaha illa Allaah is de basis van Monotheïsme (Tawheed) en Islaam. Verder is het een complete ordening van het leven. Deze getuigenis komt tot zijn recht indien men alle vormen van aanbidding tot Allaah richt. Dit gebeurt als men zich overgeeft aan Allah, Hem alleen (zuiver) aanroept en arbitrage zoekt in Zijn wetgeving alleen.

Ibn Rajab heeft gezegt:

'Al ilaah ' (de god) is degene die gehoorzaamd wordt zonder ongehoorzaamheid. Dit doet men uit respect en ontzag, uit liefde, angst en hoop, steunend op hem, vragend aan Hem en Hem aanroepend. Dit alles komt aan niemand toen, behalve Allaah. Dus wie iets van dit, dat alleen aan Allaah toebehoort, richt tot een schepsel, beschadigt zijn oprechtheid in ''Laa ilaaha illa Allaah''. Hij aanbidt dat schepsel dan ook in die mate waarin hij zijn aanbidding tot hem richt..


De uitspraak: Laa ilaaha illa Allaah, bezorgt degene die het zegt profijt, indien hij deze getuigenis toepast in zijn leven en deze niet ongeldig maakt d.m.v. Shirk (Polytheïsme). Voorbeelden van Shirk zijn zoals het aanroepen van de doden, offeren voor een ander dan Allaah, buigen voor een ander dan Allaah enz.


Weet dan dat aanbidding geen aanbidding genoemd wordt behalve wanneer het gepaard (samengaat) gaat met Tauwhied, precies zoals het gebed geen gebed genoemd wordt wanneer het niet gepaard gaat met reinheid (Taharah). Dus wanneer Shirk (afgoderij) zich in de aanbidding sluist dan maakt het (de aanbidding) ongeldig, zoals el-hadeth (een van de zaken die taharah verbreken) de reiniging ongeldig maakt.

Dus als je weet dat wanneer Shrik zich in de aanbidding sluist het vernietigt en alle daden ongeldig maakt en degene die het doet voor eeuwig in het Hellevuur zal doen verblijven dan realiseer je jezelf dat de meest belangrijke verplichting die men moet nakomen is: het kennen van dit feit, zodat Allaah je moge redden van dit raster. (Dit raster is) het begaan van vereenzelviging van partners met Allaah (Shirk), waarover Hij, de Allerhoogste zegt:

Voorwaar, Allaah vergeeft niet dat er deelgenoten aan Hem toegekend worden (in aanbidding), maar Hij vergeeft daarbuiten wat Hij wil, voor wie Hij wil.


De Profeet heeft gezegd:


''Wie ''Laa ilaaha illa Allaah'' zegt, zal gered worden door deze getuigenis. Ook al wordt hij daarvoor door wat dan ook (van kwelling) getroffen.'' (Overgeleverd door Al-Bayhaqee en authentiek verklaard door Al-Albaani).


Moge Allaahs Zegen en Vrede met hem Mohammed, Zijn familie, Zijn metgezellen en een ieder die hen met volledige oprechtheid en overgave volgt tot aan de Dag der Opstanding zijn.

Bron: samengesteld door Aboel_Abbaas

0 reacties:

Een reactie plaatsen

Live duroos